Beeld van het bataljon

In mei 1946 marcheerde een groep jonge mannen door de brandende zon van Oost-Java. Zij maakten deel uit van het II-10 Regiment Infanterie – een bataljon dat, net als zovele anderen, was gevormd uit vrijwilligers die kort daarvoor nog schooljongens, boerenzonen of kantoorbedienden waren.

Dit bataljon was opgericht in 1945 en bestond aanvankelijk uit mannen uit de eigen regio in het oosten van het land. Door tal van wisselingen en overplaatsingen liep het aantal militairen echter snel terug. Het werd aangevuld met oorlogsvrijwilligers uit andere delen van het land. Zo kwamen er ook veel Rotterdammers bij – onder hen Kees Vink.

 

II-10 R.I. maakte deel uit van de ring rondom de stad Soerabaja. Zij moesten ervoor zorgen dat deze key area – zoals de belangrijkste steden door de Nederlandse regering werden genoemd – veilig bleef. Vanuit een oude Europese wijk breidde hun terrein zich langzaam uit. Het bataljon werd uiteindelijk over de gehele oosthoek van Java verdeeld, waar het zware tijden doormaakte.

Mengantiweg, Pasoeroean, Bondowoso en Besoeki: het zijn namen van plaatsen waar zij ooit veiligheid en orde probeerden te brengen, terwijl ze de ene na de andere aanval te verwerken kregen.

De mannen van II-10 R.I. kenden een groot verantwoordelijkheidsgevoel; ze wilden het beste voor de bevolking. In 1948 stond hun terugkeer naar huis gepland en werd er zelfs een afscheidsparade gehouden. Op het laatste moment werd de terugkeer uitgesteld en moesten zij deelnemen aan de Tweede Politionele Actie. Op foto’s bleven ze lachen, maar hun brieven vertelden een ander verhaal. Ze waren het vechten beu en wilden naar huis.

 

Vierentwintig van hen zouden nooit terugkeren. Daar waar sommigen de eerste gesneuvelden nog zelf naar hun laatste rustplaats hadden gebracht, werden zij uiteindelijk ook begraven.

 

In de officiële verslagen heet het bataljon II-10 R.I., maar achter die afkorting schuilen honderden gezichten, stemmen en kleine geschiedenissen. Samen vormden zij een naam op papier – en tegelijk een wereld van mensen van vlees en bloed.