De figurant op de foto

Op dit moment werk ik ruim een half jaar aan mijn tweede boek. Ditmaal geen onbekende Indische overgrootmoeder, maar het leven van Kees Vink, een oorlogsvrijwilliger in de Nederlandse kolonie.

 

Als ik terugdenk aan de tijd dat ik nog onderzoek deed naar het leven van mijn overgrootmoeder, dan kom ik tot de conclusie dat Kees nog onbekend voor mij was. En toch was hij al vrij in het begin aanwezig.

In 2015 zag ik voor het eerst in lange tijd de oude foto’s van mijn familie in Indië. Ditmaal bekeek ik ze anders, dan toen ik ze op vijf jarige leeftijd zag. Ik keek naar wat ik zag, zocht naar bekende gezichten of plaatsen. Destijds reikte mijn kennis helaas nog niet zover. Maar ik zag hem wel. Op de enige foto van mijn grootmoeder die ik te zien kreeg stond hij ook, met een grote lach en pretogen keek hij de camera in. Alleen wist ik dat toen nog niet.

 

Jarenlang zag ik hem als figurant en keek over hem heen. Hij was immers geen familie. Tot ik tijdens mijn onderzoek naar bataljon II-10 R.I. deze foto tegenkwam, maar nu in een andere context.

Die ontdekking voelde alsof twee werelden elkaar raakten: mijn familiegeschiedenis en de grotere geschiedenis van de oorlog. Van het ene op het andere moment kreeg de man op de foto een naam. Geen anonieme soldaat meer, maar een individu.

Toen ik verder zocht, vond ik zijn brieven. In zijn handschrift las ik niet alleen zijn stem, maar ook echo’s van de tijd waarin hij leefde. Hij schreef met humor over zijn hele leven, de ernst was weinig voelbaar, tot ik mij er verder in verdiepte.

Wat begon als een nieuwsgierigheid naar een bataljon en zijn militairen, groeide uit tot een gesprek over generaties heen, tussen hem, zijn bataljon en de familieleden die naast hem stonden. Het ontroerende is dat het verleden zich niet altijd in grote onthullingen toont. Soms is het juist dat kleine detail, een gezicht op de achtergrond, een naam in een onderschrift, dat alles in beweging zet.

 

Een vreemde gewaarwording om te beseffen dat hij destijds onbekend voor mij was, in feite niet eens bestond en nu de leidraad is van mijn boek over II-10 R.I. Hij is degene die voor mij het bataljon een gezicht geeft.