Mijlpaal in het schrijfproces
Een mijlpaal in het schrijfproces over Kees Vink is bereikt. Waar het in mei 2025 begon met de eerste aarzelende woorden op een lege pagina en een berg onbeantwoorde vragen, is inmiddels het manuscript ver gevorderd. Afgelopen week heb ik de laatste hand gelegd aan de werkversie van hoofdstuk tien, een moment waarop de contouren van het uiteindelijke boek echt zichtbaar worden. Het gaf mij een voldaan gevoel.
Het schrijven van dit verhaal is een intensieve speurtocht geweest door archieven, herinneringen en de geschiedenis van een bewogen tijd. Foto’s kregen context, gebeurtenissen pasten logisch in het verhaal en soms, wanneer gezwegen werd in de correspondentie met thuis, maakte dat nog meer duidelijk dan duizend woorden konden doen.
Nu hoofdstuk één inmiddels bij de redacteur ligt om streng en kritisch bekeken te worden, breekt een nieuwe fase aan.
Het blijft toch spannend om de tekst uit handen te geven, maar het is noodzakelijk om het naar een hoger niveau te tillen. De komende tijd zullen ook de overige hoofdstukken in rap tempo volgen richting de afronding.
Dan blijft enkel de opmaak van het boek nog over. Iets wat ik bij mijn vorige boek “Ciel van der Sluys (1903-1985), mijn vergeten overgrootmoeder uit Indië” heel bijzonder vond om te kunnen doen. Foto’s uitkiezen en toevoegen, een voorwoord schrijven en de inhoudsopgave opmaken. Stapsgewijs groeide het verder totdat ik het complete boek voor mij zag.
Wat ooit begon als de wens om het verhaal van Kees Vink vast te leggen, is uitgegroeid tot meer dan dat. Dit boek wordt niet alleen een persoonlijke herinnering aan hem, maar ook een eerbetoon aan al die andere kameraden van bataljon II-10 R.I. Hun ervaringen, vriendschappen en de harde realiteit waarmee zij werden geconfronteerd, verdienen het om verteld en herinnerd te worden. De eindstreep komt in zicht.