Sneeuw in Indië

Bijna heel Nederland is al enkele dagen gehuld in sneeuw. Een mooi, voor velen zelfs bekend gezicht. Iets wat tot enkele decennia geleden ieder jaar voorkwam. In Kees Vinks jeugd, we hebben het dan over de jaren dertig van de vorige eeuw, was dat zeker niet anders.

 

Toen hij in mei 1946 met II-10 R.I. in Indië aankwam was het droog en warm. Buiten de hoge temperaturen om waren er geen bijzonderheden te bemerken. De cultuurshock kwam pas tegen het einde van het jaar. Waar hij in Nederland zich klaar moest maken voor de koude temperatuur en bijkomende ijzel en sneeuw, bleef hier de zon schijnen.

Uit verhalen die hen werd verteld konden zij opmaken dat er geen sneeuw viel, maar als je het dan ieder jaar gewend bent, dan is het toch een vreemde gewaarwording. Kees schreef eens aan zijn ouders dat hij enkel gekleed in korte broek en schoenen in de zon een brief zat te schrijven. Op datzelfde moment realiseerde hij zich dat het december was en zijn ouders vermoedelijk dicht bij de kachel zaten.

 

In zijn brief van 5 januari 1947 liet hij het volgende weten aan zijn ouders: “Toch heb ik dit jaar ook al sneeuw in mijn handen gehad. Je gelooft het misschien niet, maar het is waar. Bij George op de koolzuurfabriek”. Zijn goede Indische kennis was daar werkzaam en had hem daar op Nederlandsch-Indische bodem gevormde sneeuw getoond. Een cultuurshock in een cultuurshock zal ik maar zeggen.